Ontwikkelperspectief centrum Zeeland
Naar een gezellige, levendige en groene plek voor de dorpsbewonerDe afgelopen jaren is er veel gebeurd in het centrum van het Noord-Brabantse Zeeland. Er kwam een nieuw dorpshuis en een nieuw schoolgebouw. Maar er ontstond ook leegstand, doordat maatschappelijke en commerciële voorzieningen uit het centrum verdwenen. Bezorgde dorpsbewoners vroegen de gemeente om een nieuw toekomstperspectief, om zo te zorgen dat het dorpscentrum levendig en vitaal blijft.
| Locatie: | centrum Zeeland |
| Type advies: | gebiedsvisie |
| Download: | Ontwikkelperspectief centrum Zeeland (PDF, 21 MB) |
| Jaar: | 2024 |
| Opdrachtgever: | gemeente Maashorst |
| Projectteam: | Peter Rosmulder (projectleider, stedenbouwkundige) Juul Doggen (ontwerper / planoloog) |
Van ad-hoc beslissingen naar een gedragen visie
In een dorp als Zeeland, dat circa 6.850 inwoners telt, is een ruimtelijk ontwikkelperspectief al snel afhankelijk van enkele stakeholders. Om te komen tot een realistische en gedragen visie zijn wij daarom het project gestart met een intensieve dialoogfase. Al pratend en tekenend, met zowel ambtelijk betrokkenen als ondernemers, eigenaren en andere initiatiefnemers uit het dorp, kwamen we zo tot de kernvragen van de opgave: Hoe willen we de ruimte langs de Kerkstraat gebruiken? Is alle parkeerruimte nog nodig in de toekomst, of kunnen in het dorpslint, die nu voor parkeren gebruikt worden, ook anders invullen? Door ontwerpend onderzoek lieten we zien dat er keuzes nodig zijn; niet alle wensen kunnen tegelijk worden ingepast.
Hoe ziet een Brabantse dorpsstraat eruit?
In de Kerkstraat nemen rijdende en geparkeerde auto’s momenteel veel ruimte in. Hierdoor hebben de dorpsbewoners weinig ruimte om prettig te verblijven in hun centrum. En ook voor groen is er maar beperkt plek. Dat kan anders!
De Kerkstraat moet weer een aangename Brabantse dorpsstraat worden. De eerste stap om dit te bereiken is om het parkeren anders op te lossen. Met de auto’s meer uit het zicht ontstaat er ruimte om voorzieningen of groen toe te voegen.
Herkenbaar, groen, gezellig en compleet
Om de ambitie van een aantrekkelijke en goed functionerende Brabantse dorpsstraat waar te maken, zijn vier onderdelen van belang:
- Ruimte voor de Zeelandse ondernemers. Het behouden en waar mogelijk versterken van het voorzieningenniveau is het uitgangspunt. De Zeelandse ondernemers moeten goed kunnen blijven ondernemen. Zo kunnen alle basisvoorzieningen in het dorp aanwezig blijven. De bestaande clusters met commerciële voorzieningen worden versterkt in de functionele structuur. Het leegstaand gemeentelijk vastgoed wordt zo veel mogelijk benut voor maatschappelijke of zorgvoorzieningen, gecombineerd met wonen.
- Verblijven in een groene straat. Om van het centrum een geheel te maken wordt er voor één ‘loper’ gekozen in de hele Kerkstraat. Deze uniforme bestrating en inrichting, met kwalitatief groen en verblijfsmogelijkheden zoals bankjes, creëert een route die het voor de bezoekers van het centrum aantrekkelijk maakt om er te lopen en te verblijven. Een prettige dorpsstraat voor voetgangers en fietsers is het beginpunt van het denken; de auto is te gast.
- Onderbrekingen in het lint opvullen. Door de jaren heen zijn er steeds meer en grotere onderbrekingen in het bebouwingslint gekomen. De herkenbaarheid en aantrekkelijkheid van het centrum verminderden hierdoor. Door middel van groene plekken en nieuwe bebouwing worden deze onderbrekingen in de toekomst ingevuld en wordt de Kerkstraat weer een echt aaneengesloten dorpsstraat.
- Een verkeersveiligere Kerkstraat. Om het doorgaand verkeer te ontmoedigen in de Kerkstraat worden er twee nieuwe bochten in de straat aangebracht. Dit haalt niet alleen de snelheid eruit; bezoekers die naar de Kerkstraat komen voor hun boodschappen of om te verblijven, worden door de wijziging van het straatprofiel direct naar een van de twee grotere parkeerplaatsen in het dorp geleid. Hiermee vermindert ook het zoekverkeer naar een vrije parkeerplek.
Galerij
Peter Rosmulder, stedenbouwkundige: “Dit is nu zo’n project waar mijn ruimtelijke hart sneller van gaat kloppen. Om tot een ontwikkelperspectief te komen, sprak ik eerst in vertrouwelijkheid met ieder van de belanghebbenden uit het dorp. Al hun eisen én dromen combineerde ik in een aantal ruimtelijke scenario’s. Vervolgens hebben mijn collega’s Ward en Juul de vertaalslag gemaakt naar planologische kaders, en deze weer voorgelegd aan alle Zeelanders. Hier zie je de kracht van DTNP: dankzij ons multidisciplinaire team kunnen we eenvoudig schakelen van ontwerp naar beleid (en weer terug).”

